

Taal actief 5 is volledig vernieuwd. De belangrijkste vernieuwing in Taal actief is de nadruk op communicatie en groei. Om goed te communiceren, heb je een sterke basis nodig. Zoals altijd besteedt Taal actief veel aandacht aan woordenschat, woord- en zinsbouw, taalgebruik en spelling. Deze kennis gebruiken de kinderen direct in de lessen door zelf te schrijven, te spreken, te luisteren en te lezen. Op die manier begrijpen ze waarom ze taal leren; ze ervaren succes en groeien zichtbaar in taal. Taal actief stimuleert kinderen om zelf actief met taal aan de slag te gaan. En ā misschien wel het belangrijkste ā de kinderen reflecteren op hun eigen groei in taal.
Structuur en houvast
De duidelijke structuur van Taal actief biedt houvast voor leerkrachten en kinderen. De methode heeft heldere lesdoelen en de lessen, die per domein identiek zijn opgebouwd, zorgen voor rust, duidelijkheid en efficiƫntie. Elke les start met directe instructie. Daarna verwerken ze het nieuwe onderwerp en oefenen ermee. En herhalen ze eerdere onderwerpen. In iedere les zijn bovendien voldoende mogelijkheden voor differentiatie in tempo en niveau.
Steeds meer zelfsturing
De kinderen nemen onder begeleiding ook steeds meer eigen verantwoordelijkheid over hun leerproces. Dat begint in groep 4 en 5 op kleine schaal, maar naarmate de kinderen verder zijn, neemt hun autonomie toe. Daarvoor hebben ze eerst inzicht nodig in hun leerproces en groei. Daarbij helpen gerichte leerstrategieĆ«n, zoals āhet nut zienā, āterugkijken en vooruitkijkenā en ājezelf motiverenā.
Goed voorbereid aan de slag
Taal actief zorgt ervoor dat de kinderen goed toegerust zelfstandig kunnen werken. In de eerste les van de week kijk je samen vooruit naar de andere lessen van die week. Tijdens deze vooruitkijkles oefenen de kinderen gericht met eerdere doelen.
Zo starten ze goed voorbereid met de nieuwe doelen van die week. Bij de lessen communicatie krijgen de kinderen duidelijke schrijf- en praathulpen, tips van experts en tips van leeftijdgenoten voordat ze beginnen aan hun eigen schrijf- of spreektaak. Dat geeft ze het zelfvertrouwen voor een nieuw doel of een nieuwe taak.
Actief werken aan communicatieve vaardigheden met het vijffasenmodel
Aan het begin van elke week kijken de kinderen vooruit naar de schrijf- of spreektaak op vrijdag: wat gaan ze doen en hoe goed zijn ze daar al in? Dat zorgt voor het eigenaarschap en het enthousiasme om zelf aan de slag te gaan. De daaropvolgende lesdagen leggen de kinderen een stevige basis met woordenschat en taal verkennen. Op vrijdag verwerken de kinderen alles wat ze die week
gehoord, geleerd en bedacht hebben in hun schrijf-, spreek- of luistertaak. Daarbij werken ze ā na jouw directe instructie ā volgens de stappen van het vijffasenmodel. Dat is binnen Taal actief als volgt vertaald:
Ieder kind een taalgroeiboek
Binnen Taal actief staat het taalgroeiboek centraal; een boek van het kind zelf waarin alle stappen van de schrijf-, spreek- en luistertaak staan. Het taalgroeiboek helpt en inspireert de kinderen om deze taken op hun eigen niveau te maken. Daarnaast helpt het taalgroeiboek de kinderen om zicht te krijgen op hun eigen taalontwikkeling. Vooraf bekijken ze wat ze al kunnen. Aan het eind van ieder thema delen de kinderen hun schrijf- of spreektaak en geven ze elkaar feedback. Ze zien zelf hoe ze gegroeid zijn in taal en in het bijzonder in het communicatiedoel. Die groei noteren ze in hun taalgroeiboek: een mooie stimulans om verder te groeien!
Elke jaargroep bestaat uit dezelfde acht communicatiethemaās van vier weken. Taal actief is concentrisch opgebouwd: in elk leerjaar komen de acht communicatiethemaās terug. De kinderen breiden hun kennis over de verschillende communicatiedoelen steeds verder uit en worden telkens iets beter in communiceren. Dankzij het programma van 32 weken heb je voldoende ruimte om alle themaās in het schooljaar te behandelen. In week 1 tot en met 3 besteed je aandacht aan nieuwe leerdoelen. Week 4 is er om terug te kijken op het thema, te herhalen via samenwerkend leren, (naar keuze) te toetsen en te delen. Ook bij spelling zijn er acht themaās van vier weken. Elk leerjaar komen de verschillende spellingcategorieĆ«n terug. De kinderen kunnen steeds meer en steeds moeilijkere woorden uit de categorie goed spellen. Deze kennis kunnen ze direct toepassen, bijvoorbeeld bij de schrijftaak. In de eerste drie weken van het thema is er steeds ƩƩn nieuwe categorie per week. Week vier biedt ruimte voor herhaling en oefening met dictweetjes.
Taal actief biedt veel mogelijkheden voor differentiatie, zodat elk kind leert en verwerkt op zijn eigen tempo en niveau.
Gerichte instructie
Via het digibord start je elke les met een interactief instapkaartje met extra instructie en voorbeelden. Daardoor kun je jouw instructiemoment aanpassen aan het niveau van je klas, een groepje leerlingen of een enkel kind. Iedereen krijgt zo instructie op maat, terwijl de instructie tóch klassikaal plaatsvindt.
Taal ā variatie in niveau
Het adaptieve platform Bingel biedt de kinderen die digitaal werken nieuwe oefeningen en herhaaloefeningen op maat. Zo oefenen kinderen op hun eigen niveau en realiseren ze hun eigen groei. Ook het leerwerkboek biedt mogelijkheden tot differentiatie. Na de instructie bij een nieuw doel beginnen de kinderen met de oefening op het doelniveau: āEerst proberenā. Kinderen die deze oefening goed maken, gaan meteen verder met de oefeningen op 2-sterniveau en vervolgens op 3-sterniveau. Kinderen die de oefening āEerst proberenā lastig vinden, beginnen met een oefening op 1-sterniveau en maken daarna de oefeningen op 2-sterniveau. Op die manier werkt iedereen aan hetzelfde doel en haalt iedereen het doelniveau.Ā
Spelling ā variatie in niveau en tempo
Door de continue herhaling van de categorieƫn krijgen alle kinderen voldoende tijd om de categorieƫn te leren toepassen. Kinderen die spelling lastig vinden, kunnen extra oefenen in het oefendeel van het werkboek of in de software. Ook kun je hun extra dictees aanbieden op vrijdag (les 5, 10 en 15). Kinderen die juist wat sneller klaar zijn, kunnen verder oefenen in het oefendeel of in de
software. Sterke spellers hebben minder oefening nodig en kunnen eventueel les 3 en/of 4 overslaan. In de tijd die vrijkomt, kunnen ze werken aan een ander vak of aan andere taken binnen Taal actief.
Plusmateriaal
Voor taalsterke en taalbegaafde kinderen is er het leerwerkboek plus. Hiermee werken kinderen op een hoger niveau en zelfstandig aan dezelfde lesdoelen als de reguliere groep. Ook kunnen ze aan een eigen taalonderzoek werken. Met deze aanpak houd je de groep bij elkaar tijdens de instructie en is er extra uitdaging in de verwerkingstijd voor kinderen die meer aankunnen.
Per thema is er een leerwerkboek plus dat het reguliere leerwerkboek vervangt. Het bestaat uit twee delen. Het eerste deel voor taalsterke kinderen volgt de structuur van het thema. In de lessen zijn er opdrachten vervangen door veelal open opdrachten die een groter beroep doen op het creatief denken van de kinderen. Ook is hier ā10 Ć spellingā met uitdagende spellingopdrachten toegevoegd. Het tweede deel van het leerwerkboek plus bevat een uitdagend taalonderzoek. Dit deel is voor taalbegaafde kinderen en taalsterke kinderen die klaar zijn met het eerste deel. Tijdens het taalonderzoek werken kinderen aan een onderzoeksvraag, bijvoorbeeld: Kan taal kwetsen? Hoe communiceren dieren? Hoe ontwerp je een goede geheimtaal? Ieder onderzoek is opgebouwd uit de stappen: verkennen, onderzoeken, presenteren en evalueren en volgt de SOLO-taxonomie van Biggs and Collis. De kinderen kunnen de resultaten van hun onderzoek presenteren aan de groep. Als er dan nog tijd over is, zijn er extra opdrachten beschikbaar.
Jij beslist welke kinderen met het leerwerkboek plus werken. Dat kunnen steeds dezelfde kinderen zijn, maar je kunt ook variƫren door taalsterke kinderen soms mee te laten doen met de les in het leerwerkboek plus en hen soms zelfstandig te laten werken aan het taalonderzoek. Aan de communicatielessen op vrijdag werken alle kinderen in hun eigen taalgroeiboek, ook de pluskinderen. De lessen samenwerkend leren in week 4 zijn in het leerwerkboek plus gelijk aan de lessen in het reguliere werkboek.
Taal actief geeft op elk moment inzicht in resultaat en groei bij kinderen.
Meetbare groei
De resultaten van de kinderen die werken met het digitale platform Bingel kun je continu volgen. Zo weet je op elk moment hoe de kinderen groeien op de meetbare taaldomeinen woordenschat, taal verkennen en spelling. De resultaten bepalen welke onderdelen het kind nog eens herhaalt. Bij Taal biedt les 19 van elk thema ook een (optionele) summatieve taaltoets over de doelen woordenschat en taal verkennen van het voorgaande thema.
Merkbare groei
Bij Taal zijn voor de communicatielessen aparte toetsinstrumenten ontwikkeld. Met de āobservatielijst schrijftaakā en de āobservatielijst spreek- en luistertaakā van elk thema beoordeel je van elk kind iedere schrijftaak en minstens twee spreek- en luistertaken per jaar. Ook kun je ieder halfjaar een taalgroeigesprek voeren met elk kind. Daarbij bespreek je de doelen van de leerlijn communicatie. Je praat samen over de taken: op welke taken ben je trots, welke waren nog lastig en welke was het meest leerzaam?
Basis papier
Voor de leerkracht:Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā
Voor het kind:
Basis digitaal
Voor de leerkracht:Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā
Voor het kind:
Basis papier
Voor het kind:
Basis digitaal
Voor de leerkracht:Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā Ā
Voor het kind:
Taal actief biedt tekstbegrip aan in samenhang met taal. Door aan te sluiten op de acht communicatiethemaās van Taal actief taal, verdiepen en verbreden de kinderen hun kennis, inzicht en vaardigheden. Bij Taal actief tekstbegrip leggen we ook de verbinding met de communicatiedoelen van Taal actief taal. Bij taal leren de kinderen zelf hoe het moet. Bij tekstbegrip lezen ze in teksten hoe andere schrijvers dit doen. Op deze manier versterken taal en tekstbegrip elkaar.
Wil je graag een zichtzending of proeflicentie aanvragen? Dat kan! Vul dit formulier in en wij sturen deze zo snel mogelijk toe. Je kunt ook altijd contact opnemen met je advisuer of onze binnendienst. We helpen je graag verder met al je vragen.Ā


